Selenium verstrekken

Selenium- bij jongvee en melkvee: niet te veel en niet te weinig!

In de moderne veehouderij wordt het belang van de juiste vitaminen- en mineralenvoorziening steeds groter. De productie (melk en vlees), grote verschillen in het rantsoen, gebruik van enkelvoudige grondstoffen en natte bijproducten, maar ook de wetgeving, zorgen ervoor dat het management aangaande vitaminen, mineralen en sporenelementen steeds belangrijker worden.

De schildklier

Selenium in samenwerking met vitamine E zorgt voor een goede werking van de schildklier. En een goed werkende schildklier is nodig om jodium te activeren, hetgeen onmisbaar is voor groei en melkproductie. Bij een stijgende melkproductie is het seleniumgehalte in het opgenomen ruwvoer niet voldoende om de behoefte te kunnen dekken. Ook bij de opfok van jongvee moet er aandacht zijn voor de seleniumvoorziening, omdat hierbij, vooral als de dieren ouder worden, géén krachtvoer meer verstrekt wordt en het dier enkel ruwvoer krijgt.

 

Selenium op peil houden

Het belangrijkste is dat het ruwvoer voldoende seleen bevat. Gras en mais bevatten seleen, echter de hoeveelheid hangt af van het seleniumgehalte in de bodem. Zandgrond bevat van nature te weinig mineralen. Dat geldt dan ook voor het gras. Het kan dan zo zijn dat jongvee vanaf het begin te weinig selenium binnenkrijgt. Door middel van een langwerkende bolus kan dit worden opgevangen. Ook met een juiste bemesting is het mogelijk om selenium in het ruwvoer te krijgen. Belangrijk hierbij is om het aanwezige kuilvoer te analyseren op selenium. Als de ruwvoerkant bekend is, kan er gericht gestuurd worden met eventuele aanvullingen in het rantsoen.

 

Hoeveel selenium heeft een rund nodig?

Behoefte per dag:

Kalf (+/- 4 mnd)                           0,4 mg

Pink (+/- 16 mnd)                         0,9 mg

Melkkoe, droogstand                      1,4 mg

Melkkoe, melkgevend 20 kg/dag     2,7 mg

Melkkoe, melkgevend 40 kg/dag     4,2 mg

------

Verschijnselen van seleniumgebrek zijn:


• Spieraandoeningen: stijfheid, spiertrillingen.
• Verminderde vruchtbaarheid.
• Slome slappe koeien.
• Ontstekingen zoals uierontsteking, klauwgebreken. 
• Een antibiotica kuur slaat slechter aan.

      

 

Ruwvoeranalyse

Door middel van een langwerkende bolus kan dit tekort worden opgevangen. Ook met een juiste bemesting is het mogelijk om selenium in het ruwvoer te krijgen. Belangrijk hierbij is om het aanwezige kuilvoer te analyseren op selenium. Als de ruwvoerkant bekend is, kan er gericht gestuurd worden met eventuele aanvullingen in het rantsoen.

Het rantsoen aanvullen

Het rantsoen kunt u aanvullen door het verstrekken van een langwerkende bolus met DCD keurmerk, zoals de Uno Dry of All Minerall Plus of door losse mineralen te voeren (elke dag). Het grote nadeel van losse mineralen over het voer is dat de opname per koe, jongvee te wisselend is, waardoor een gegarandeerde gift per dag niet bereikt wordt. Deze gegarandeerde gift is met een langwerkende bolus wel gewaarborgd. Daarnaast is het verstrekken van poedermineralen in de wei niet te doen. De bolus is de ideale manier van de dagelijks aanvulling van selenium in combinatie met Vitamine E.

Een directe behoefte aan selenium aanvullen

Dit kunt u doen d.m.v. een injectie (overigens alleen geregistreerd voor kalveren) of een direct werkende bolus, (Tocosel Bolus). Hiermee geeft u een boost aan selenium die door het dier wordt vastgelegd.

De conclusie

Goed ruwvoer is het allerbelangrijkste met als vaste extra aanvulling een langwerkende bolus met DCD keurmerk of mineralen poeder en als extra aanvulling op dreiging van een selenium tekort een kortwerkende 6 tot 8 weken voor het afkalven.